De Eerlijke Nul
131 hypotheses, 5 interpretatielagen, 155 jaar data — en wat WD Gann ons écht leerde
Onderzoeksverslag van het trading.tunderman.cc-project, augustus 2026.
De vraag
Kan astrologie financiële markten voorspellen? Niet als paragnostische vraag, maar als statistische: bestaat er een reproduceerbaar verband tussen planeetstanden en marktbewegingen dat de kosten van handelen overleeft?
De aanleiding was een document over "market patterns" en de eeuwenoude traditie — van Babylonische sterrenkijkers tot WD Gann (1878-1955), de legendarische commodity-trader die zei: "er is geen toeval in de markt; de markt gehoorzaamt aan natuurwetten." Gann verdiende fortuinen (of beweerde dat), verkocht cursussen van $5.000, en liet een erfenis na van gecodeerde astrologische methodes die tot op de dag van vandaag een industrie van volgers onderhouden.
Wij hebben die methodes gevonden, gereconstrueerd, en getest zoals ze nog nooit getest zijn: pre-geregistreerd, met permutatie-nullen, meervoudige-testing-correcties, era-splits, walk-forwards, placebo-controles en episode-audits.
De methode
- 8 markten: goud (1975+), S&P 500 (1928+), olie WTI (1983+), brent (1988+), sojabonen/tarwe (1990+), maïs/suiker (1979+).
- 3 schalen: dagelijks (1975-2026), wekelijks, en maandelijks — met de langste keyless historie die bestaat: S&P maandelijks terug tot 1871 (Shiller) en alle commodities maandelijks terug tot 1960 (World Bank Pink Sheet).
- 3 tradities: westerse astrologie, Vedic (sidereaal + nakshatra's) en Chinese BaZi.
- 110 pre-geregistreerde hypotheses — elke hypothese vastgelegd vóór de test, met richting en meetlat, zodat achteraf-selectie onmogelijk was.
- De drie-meetlatten-regel: elke claim getest op rendement, volatiliteit én omkeerpunt-clustering — de meetlat die bij de claim hoort ("bodems" → clustering, "volatiel" → vol, "omhoog/omlaag" → rendement).
- De walk-forward: de strengste test die er is. Deel 1 van de data selecteert, deel 2 (2013+, nooit bekeken) beslist. Geen enkele kandidaat mocht bevestigd worden zonder de out-of-sample bevestiging.
De resultaten
110 hypotheses. 86 verworpen. 10 bevestigd. 5 historisch (echt geweest, vervallen). 4 onvoldoende data. 5 kandidaten — waarvan 1 astrologisch.
Wat wél werkt (en waarom dat geen astrologie is)
Alle 10 bevestigde effecten hebben een economisch mechanisme, geen hemels:
| Effect | Markt | Mechanism | |---|---|---| | Maand-overgang (laatste-3 + eerste-3 dagen) | S&P | betaaldagliquiditeit | | Eerste-3 dagen van de maand | S&P | eerste salaris + pensioenstortingen | | Eerste handelsdag | S&P | idem, geconcentreerd | | January-goud | goud | NL-verzekeringen, US-deductibles, CNY-vraag | | FOMC-dagen | S&P | macro-schok (vol) | | Goud na geopolitieke schok | goud | safe-haven | | S&P na geopolitieke schok | S&P | risk-off | | Goud rendeert 's nachts | goud | structuur (nacht = internationale handel) | | Goudcrashes volgen mania's | goud | 5-jaars bull runs → crash | | Olie maart-april / november-december | olie | fysieke vraagcyclus |
En 5 historische effecten die vervallen zijn — de belangrijkste les van het project: Monday-effect (100% pre-1980), January-S&P (pre-1990), maand-einde-S&P, overnight-S&P, goud-15e. Effecten sterven. De markt arbiteert ze weg. Gann's methodes hebben mogelijk in 1920-1950 echt gewerkt, in een dunne markt — en zijn daarna geërodeerd.
Wat niet werkt: alles met planeten
Elke planetaire claim is getest: de 45 aspectparen, tekens, huizen, retrogrades, stations, ingresses, eclipsen, declinaties, parallellen, vaste sterren, prijs-tot-graad, square-of-nine, hexagon, midpoints, knopen, heliocentrisch én geocentrisch — op alle drie de tradities, alle drie de schalen, alle markten. Nul overleeft.
En — even belangrijk — vijf interpretatielagen van Gann's systeem zijn getest, omdat "hoe bedoelde hij het" de terechte vraag is:
1. Direct (aspect op dag X → rendement op dag X): dood. 2. Natural dates (grote toppen/bodems bij aspecten): dood — de 41 eclipsen en 22 corn-dates uit Gann's boek waren achteraf geselecteerd. 3. Accelerator (aspecten versnellen een bestaande trend): dood — ratio's ≈ 1,0. 4. Modulatie (aspecten moduleren de trendsterkte, "5% trend → 2% bij negatief aspect"): dood. 5. Risk-off overlay (uit de markt bij aspecten): dood — placebo (willekeurige exits) presteert hetzelfde.
En op de rare-event-schaal: de 12 grootste crashes van 155 jaar clusteren niet in trage-planeet-configuraties — ook niet met de "initiatie-lezing" (crisis start ná het aspect, de indalingstijd). 1929, de grootste crash ooit, kwam vóór de Uranus-Pluto square die hem had moeten initiëren.
De methodologische vondsten (minstens zo waardevol als de nullen)
1. De placebo-redding: tests als "prijs mod 360 ≈ planeetniveau" lijken spectaculair significant — tot je het planeetniveau vervangt door een willekeurig getal. Drie keer gebeurd (price-to-degree, planet-gemiddelden, vaste sterren), drie keer gered door de random-niveau-controle. Zonder placebo was dit project drie keer de mist in gegaan. 2. De episode-audit: "Uranus-Pluto square = crisis" klinkt overtuigend tot je telt dat het 2 episoden zijn in 100 jaar. Elke crisis valt ergens in; het is verhaal, geen statistiek. De <3-episoden-regel heeft meer valse pareltjes gedood dan alle permutaties samen. 3. De era-split: effecten die alleen pre-2013 bestaan zijn geen effecten. 4. Effecten sterven — de arbitrage-hypothese, zichtbaar in de 5 historische.
De enige overlevende: Mars conjunct Algol — en zijn dood
Eén astrologische vondst doorstond bijna alle controles — gevonden via de vaste-sterren-familie die een YouTube-astroloog terloops noemde ("bad fixed stars"):
Mars op 56,1° ecliptische lengte (de ster Algol, orb 2°) → negatieve returns op commodities.
- Half-2 (2013+, nooit bekeken): negatief op alle 8 markten; met de gecorrigeerde tweezijdige null: tarwe p=0.048, sojabonen p=0.060, brent p=0.070, goud p=0.080, suiker p=0.094, olie p=0.112. Eén markt significant, vier marginaal — richting overal consistent.
- Placebo schoon; graad-gradatie; scherpe orb; geen maand-alias; commodities-specifiek.
- Trade-simulatie 1983-2026 (short tijdens passages): olie +5.422bp, 64% win-rate; tarwe 75% win-rate. Timing volledig vooraf bekend: de efemeride is deterministisch.
- De dood (2026-08-18): de World Bank-validatie. De maandelijkse reeksen (1960+, 10 markten, 46 passages per markt — dubbel zoveel episodes als het dagelijkse bewijs) tonen GEEN effect: alle p=0.15-0.88, richting willekeurig (goud +22bp, suiker +230bp, maïs −109bp). Het dagelijkse effect was een dag-schaal-artefact dat de langere schaal niet bevestigt. De eerlijkste conclusie van het hele project: zelfs het sterkste astrologische patroon dat we ooit vonden — dat alle controles doorstond op de dag-schaal — stierf toen we er de onafhankelijke, langere data tegenaan zetten. De 2028-passage blijft een paper-trade (pre-geregistreerd), maar de voorafkans is klein.
De bron-gedreven rondgangen: elke claim gehoord, elke claim getest
De laatste fase van het project draaide om de vraag die Dirk stelde: hoe kan deze informatie zo overtuigend worden gebracht als het allemaal onzin is? Het antwoord was een systematische bron-analyse: vier rondes van video's en artikelen — Gann-fans, professionele astrologen, een podcast van twee uur, crypto-traders, nieuwsartikelen — ~15 claims, allemaal getest:
| Bron | Claim | Verdict | |---|---|---| | Bradley Siderograph (Winsky) | planetaire cycli-som als leading indicator | corr 0.009, null | | Crypto-trader | eclipsen Taurus/Scorpio = crashes | null (selectie) | | Astrologie-podcast | void-of-course maan = slecht moment | intraday, dag-data kan het niet vangen | | Astrologie-podcast | Neptune-in-vuur = inflatie | 6.95% vs 2.42%, maar p=0.108 — 2 van 5 episoden (olie-crises) | | Goud-video | heliocentrische Venus-lijn | p=0.82 | | Gann-cycli-video | 33-jaar "meester-cyclus" | periodogram: geen piek | | Gann-cycli-video | 1922 katoen: alle toppen/bodems 1 jaar vooruit | data bestaat niet (1920s katoen) | | Gann-cycli-video | 1909: 286 trades, 92% winst | onverifieerbaar, eigen promotie | | Retrogrades-video | mercury-retro = verhoogde vol | p=0.30-0.77 | | Invezz-artikel | (overzicht: Jupiter-Venus, geboortekaarten) | alles al getest |
Twee van de drie "niet-testbare" claims zijn data-limieten, geen methodologie-limieten: geen katoen uit de jaren '20, geen audited 1909-track-record. En de enige ogenschijnlijke "vondsten" van de omgedraaide richting (de grootste bewegingen sinds 1928 delen een kenmerk?) waren de twee artefact-klassen die we inmiddels kennen: era-effecten (trage tekens) en kalender-aliassen (zon-teken = maand). Elke bron, elke claim, elke richting: de nul houdt stand.
De deflated Sharpe — de economische lat
Maar "bevestigd" zegt niets over "verhandelbaar". De deflated Sharpe ratio (López de Prado) stelt de eerlijke vraag: als we 131 tests hebben gedraaid en de beste eruit pikken, welke overleven dan de verwachte beste-van-131 bar?
Het antwoord is hard: slechts twee effecten overleven de deflatie — de S&P-maand-overgang (first-3 en turn-of-month, DSR > 0.99). Alles wat deeltijds in de markt zit — January-goud, CNY, geopolitieke shocks, olie-seizoenen — haalt de bar niet: hun Sharpe (0.2-0.3 jaarlijks) ligt onder wat de beste van de trials onder de nul statistisch verwacht wordt te produceren. Statistische bevestiging (pre-registratie, walk-forward, OOS) blijft waardevol; economische bevestiging na multiple-testing is een andere, strengere lat.
En de portefeuille-laag toonde de laatste nuance: de zwakke kandidaten redden elkaar wél in portefeuille-verband (correlaties ~0, Sharpe 0.46→0.66 OOS) — maar de absolute economie blijft dun (+0.45%/jr op 10% vol).
De conclusie
De eerlijke nul is het product. Na 131 pre-geregistreerde tests, 10 markten, 3 tradities, 5 interpretatielagen, 4 tijdschalen en 155 jaar data:
- De markt is geen uurwerk met planetaire tandwielen.
- De effecten die bestaan zijn kalender en structuur — betaaldagen, salarissen, schokken, vraagcycli — met economische mechanismen, en ze sterven zodra iedereen ze kent.
- Gann had één ding bij het rechte eind: systematisch historisch onderzoek is de weg. Zijn theorie (de planeten) was de prijs die zijn brein betaalde voor de discipline. Wij hebben de discipline geërfd en de theorie getest: de methodes van Gann, Mikula, Hannula en alle YouTube-astrologen — gereconstrueerd met hun precieze definities, getest op hun eigen tijdschalen, geëvalueerd met hun eigen interpretatielagen.
- En de bron-gedreven rondgangen bewezen de kern-dynamiek: de overtuigingskracht van astrologie is psychologisch (selectie, post-hoc verhalen, autoriteit), niet planetair — anders had het de ladder doorstaan zoals de betaaldag-effecten.
131 hypotheses. 113 nullen. 2 economisch bevestigde effecten — en geen enkele alién. Dat is het eerlijke antwoord op de vraag waarmee het begon.
Alle data, code en resultaten: trading.tunderman.cc · hypotheses-bord: 131 entries, elke verdict traceerbaar naar zijn test · bron-register: data/claims.json (elke claim van elke video/artikel een status) · methode: pre-registratie, permutatie-null, walk-forward, placebo, episode-audit, CPCV, deflated Sharpe.
Hoofdstuk 3 — De pivot: van astrologie naar "de math ontdekken" (augustus 2026)
Nadat de astrologie-nul totaal stond, kwam Dirk met een nieuwe core-hypothese: "de markt is wiskundig loopy — higher lows, higher highs, resistance, lower lows. Volume, RSI, moving average. Wij moeten de math ontdekken." Dat werd de richting van deze sessie.
De swing-loop is echt — maar het is de trend in vermomming
ZigZag-swing-detectie (3% drempel, 12 instrumenten): na een hogere low volgt een hogere high in 61-71% van de gevallen vs 47-57% random (p<0,01 overal). Na een lagere high volgt een lagere low in 60-72%. De markt is trend-persistent, niet random — Dirk's intuïtie klopt als beschrijving. Maar: als strategie (long bij HL, flat bij LH) geeft het een look-ahead-Sharpe van 2,60 die na punt-in-tijd-correctie naar 1,26 ≈ MA200 zakt. De "loop" = de trend in swing-taal.
De transformatie-engine: oneindig zoeken, eerlijk gegaard
transform_library.py: 88 transforms (afgeleiden orde 1-3, ratio's, geometrie, constanten φ/π/fibonacci/priemgetallen, kruis-lens BTC/goud/CPI, fysica, info-theorie, asymmetrie). Elk door de gate: IS/OOS-split + blok-permutatie-p + Bonferroni. Gekalibreerd: een gelekt signaal scoort p=0,001, pure ruis p=0,53. Resultaat: 88 transforms, 0 survivors. De enige consistente IC's zijn de trend-varianten (0,03-0,05) — te zwak voor correctie.
Twee schone disproots die eruit kwamen:
- De constanten doen er niet toe. φ-vermenigvuldigen is rank-invariant (een no-op); alle 8 fib-retracement-niveaus geven identieke IC's = ze meten allemaal gewoon "positie in de range" = de trend.
- De "verkeerde lens" bestaat niet. BTC/USD is de schoonste lens (MA200-Sharpe 1,32 vs goud 1,19 vs CPI-gecorrigeerd 1,27).
Het enige dat écht voorspelbaar is: volatiliteit — en dan alleen de grootte
De Deribit implied-vol-index (DVOL, keyless) gaf het sterkste signaal van het hele project: vol → toekomstige |return| = +0,22 (vol clustert). En de vol-mean-reversion is echt: DVOL z-score → forward Δvol is monotoon (z<−1: +2,1 pt; z>+1: −4,0 pt). De strategie (short vol bij spike, long bij rust) scoort Sharpe 1,4 op de index (IS 1,74 / OOS 1,03), 5 van de 6 jaar positief.
Maar de vertaling naar dollars eet de edge op. Als delta-gehedgede short-straddle (optie-keten, DVOL als IV) zakt het naar Sharpe 0,48 — de dagelijkse hedge-ruis en gamma-pad-afhankelijkheid kosten de helft, plus het short-vol-staartrisico (maxDD −13%). De DVOL-futures die het schoon zouden verhandelen, zijn splinternieuw en illiquide.
De conclusie die deze sessie opleverde
Na ~170 tests over élke datalaag — prijs-transforms, constanten, interacties, opties-IV, cross-asset-vol — is het antwoord consistent:
**Richting is niet ex-ante voorspelbaar. Nergens bestaat een lead-lag die vóór de move vuurt — alle correlaties (vol-prijs −0,16, BTC-ETH-vol +0,82) zijn contemporain. Volatiliteit (de grootte van moves) is wél voorspelbaar — en marginaal verhandelbaar.**
De "eerlijke nul" is daarmee niet alleen een astrologie-verdict maar een markt-verdict: de enige edge die overblijft is risico-beheer (trend + stop-loss op commodities), geen alpha. Dat staat, met elk groot en klein effect, in TRUTHS.md — naast MINDSET.md (de stance) en METHODOLOGY.md (de zoek-grammatica en de gate).
Hoofdstuk 4 — De doodskist van de stop-loss, en wat een fill-model verzwijgt
Hoofdstuk 3 eindigde met "trend + stop-loss op commodities" als laatste overlevende edge. Die zin moet terug. De stop-loss-R:R-strategie (3:1, zes commodities, +3 tot +7%/jaar in de walk-forward) bleek een fill-model-artefact. De oorspronkelijke test vulde stops op de dagclose; een stop wordt in werkelijkheid geraakt op de intraday low, en een gap opent vóórbij je stop. Met echte OHLC-fills — stops op de low, gaps op de open, targets op de high — draait dezelfde strategie op alle zes assets verlies: −4 tot −15%/jaar. Een close-fill is feitelijk een ruimere stop die je gratis krijgt; hij flatteert élke stop-strategie. Dat is nu een bindende regel in de methode: stop/target-tests altijd met OHLC-fills.
De tweede methodologische aanscherping uit deze ronde: power vóór de test. Een screen van 108 cellen op de Binance-derivatenlaag (taker-buy-ratio, open interest, funding, long/short-ratio's — H-204..207) leverde nul survivors, maar de eerlijke vraag is: wat kón hij zien? Antwoord, achteraf gemeten: alleen effecten |IC| ≳ 0,13. Grote effecten zijn uitgesloten; kleine blijven onbeslist. Sindsdien bevat elke pre-registratie de minimaal-detecteerbare-effectgrootte (MDE) vooraf, en zegt een verdict "uitgesloten ≥ MDE" in plaats van kaal "rejected". Een nul zonder power-analyse is geen nul; het is een niet-gestelde vraag.
De databron-jacht zelf — de zoektocht naar iets dat níét uit prijs afleidbaar is — liep tegen een muur die zelf informatief is: gratis dag-historie van options-flow bestaat niet (elke "gratis" bron bleek betaald of vijf maanden diep), en whale-wallet-labels zijn mutable en dus onbruikbaar voor punt-in-tijd-werk. Daarom verzamelen we het zelf: een keyless Deribit-collector draait sinds 21 augustus dagelijks op de VPS (put/call-OI, ATM-IV, skew, termijnstructuur). Over een jaar is er een dataset die niemand cadeau geeft.
Hoofdstuk 5 — PlanB en het on-chain-boek: geopend, getest, gesloten
Dirk's opdracht: bestudeer het volledige PlanB-corpus — drie Medium-artikelen, 25 YouTube-video's, en het blockhorizon-dashboard met 139 on-chain-grafieken. Elke claim kreeg een status in het bron-register (36 claims over drie bronnen); de complete grafiekdata (141 series, 2010-2026 dagelijks) is als CSV binnengehaald en door de gate gehaald. Dit is het eerlijkste hoofdstuk van het project, omdat het materiaal zo populair is en de uitkomst zo kaal.
Stock-to-Flow is niet te onderscheiden van een klok. ln(S2F) correleert 0,96 met de tijd zelf; elke "schaarste voorspelt prijs"-regressie op levels (R² 94-97% — ook PlanB's UTXO-count- en difficulty-model) is een tijd-proxy. De deviatie van het model voorspelt niets: in-sample positief, out-of-sample nul of teken-flip. Veertien pre-registered cellen uit het corpus (S2F-deviatie, 200-weekse MA, maand-RSI, ATH-afstand, AM/GM-spread): nul survivors. De 200WMA is geen bijzonder gemiddelde (kortere MA's scoren hoger op dezelfde meetlat), en Pi Cycle Top scoort 0,5 uit 2 op zuivere out-of-sample-toppen (de 2025-top gemist). De enige overlevende beschrijving is de halving-regel (long van −6 tot +18 maanden rond de halving): wint 4 van de 4 cycli, maar n=4 is onbeslisbaar — hij staat sinds oktober 2025 uit de markt en loopt nu als levende forward-test.
Daarna het hele on-chain-boek, laag voor laag, door dezelfde gate:
- Waardering (MVRV, NUPL, SOPR, %-in-profit): de geclaimde mean-reversion bestond niet eens in-sample — 2010-2018 was hoge waardering juist bullish. Teken-flip op 8 van 10 signalen. Dit zijn regime-beschrijvingen, geen edge.
- Leeftijdsflows ("oude handen bewegen": CDD, revived supply, ASOL): 0/18, en de folklore-richting klopt niet — oude coins bewogen mét de bull mee, niet ertegenin.
- Activiteit (transacties, difficulty, hash-ribbon, miner revenue): dood — op één uitzondering na. Fee-druk (z-score van de wekelijkse transactiekosten) is het enige on-chain-signaal in het hele boek dat teken-stabiel is over beide regimes (IC naar 12 weken: in-sample +0,29, out-of-sample +0,32, boven de MDE) — en het sneuvelt nét op de Bonferroni-correctie van zijn eigen screen. Hertesten op dezelfde data zou double-dipping zijn; er ligt een forward-protocol klaar dat na 52 verse weken één keer beslist.
Eén PlanB-claim overleefde als structuurfeit: de vol daalt structureel. De 90-daagse volatiliteit zakt sinds 2017 met ~5 punten per jaar (74% gemiddeld in 2017-2023, 46% in de laatste drie jaar) — institutionalisering dempt de amplitude. Geen richting-informatie, wel de bevestiging dat het speelveld van elke vol-strategie langzaam krimpt.
Hoofdstuk 6 — De alpha-ronde: wat er wél is, en wat het waard is
Met alle data binnen (prijs, uurdata, derivatenflow, DVOL, on-chain) draaide de laatste ronde vier pre-registered fronten af. Twee vondsten, twee nullen.
De funding-premie is echt — en wordt opgegeten. Delta-neutraal (short perpetual, long spot) oogstte sinds 2020 netto +11,9%/jaar op BTC en +14,1% op ETH, positief in elk van de zeven jaren, betrouwbaarheidsinterval ruim los van nul. Maar de reeks per jaar vertelt het echte verhaal: 2021 +30% → 2023 +8% → 2025 +5% → 2026 (zeven maanden) +1%. De premie wordt zichtbaar weggearbitreerd; op het huidige niveau verliest hij van een T-bill, vóór de risico's die het model niet ziet (margin, liquidatie, tegenpartij). Dit is hoe een echte premie sterft: niet weerlegd, maar leeggegeten.
Vol voorspellen werkt; ermee sizen niet. De klassieke vol-targeting-overlay (positie ∝ 1/σ) verbetert de Sharpe nergens in ons universum en schaadt op BTC — omdat hoge vol daar ook in bull-runs valt. De vol-edge zit in vol-producten (hoofdstuk 3), niet in het her-sizen van directionele posities.
De rest van de ronde bevestigde het patroon van het hele project. Intraday (26.000 uren BTC): geen uur-van-dag-, dag-van-week- of funding-settlement-effect — 0 van 32 cellen, en alles wat klein genoeg is om onzichtbaar te blijven is te klein om fees te verslaan. Cross-sectioneel momentum over 14 instrumenten: het teken klopt (zoals de literatuur belooft), maar +1,2%/jaar netto haalt geen enkele lat. En de trader-folklore "na 7-10 dagen dezelfde kant keert de markt": directioneel weerlegd — na zulke streaks flipt de trend juist mínder vaak. Streaks zetten door; ze keren niet. Het is trendpersistentie, het enige richting-feit dat dit project ooit vond, in weer een andere vermomming.
De meta-conclusie, bijgewerkt
Het register telt op 21 augustus 2026: 221 hypotheses — 18 bevestigd, 12 kandidaat, 177 verworpen (live scoreboard: python -m trading.registry). De rangorde van voorspelbaarheid is na elke nieuwe datalaag dezelfde gebleven:
**1. Volatiliteit (de grootte van moves) — voorspelbaar, marginaal verhandelbaar. 2. Oogstbare premies (funding-carry) — echt, maar cyclisch en krimpend. 3. Trend — echt, maar niet beter dan kopen-en-vasthouden. 4. Richting — op geen enkele laag: niet in prijs, niet in planeten, niet in transforms, niet on-chain, niet in derivatenflow, niet intraday, niet cross-sectioneel.**
Wat er nu nog loopt, is uitsluitend forward: de fee-druk-test (beslist na 52 verse weken), de halving-regel (uit de markt tot ~oktober 2027), de eigen options-collector (bouwt de dataset die niet te koop is), en de vol-mean-reversion op papier. De eerlijke nul is geen eindpunt maar een filter: alles wat erdoorheen komt, is het waard om op te wachten.